Interview met Barend Blom, opleidingsmanager Kunststof- en Matrijstechnologie

Barend Blom, Mikrocentrum,  6 november 2015
foto barend

Opleidingsmanager Barend Blom adviseert organisaties en medewerkers in de kunststofbranche over het best passende opleidingspakket voor hun persoonlijke situatie. Zodoende komt hij ook bij heel wat bedrijven in deze sector over de vloer. In dit interview deelt hij zijn kennis en visie op de markt met u.

 

Wat zou jou typeren?

Ik vind het mooi om technische ontwikkelingen te volgen, ben erg nieuwsgierig en wil graag weten waarom mensen bepaalde keuzes maken. Mijn toegevoegde waarde zit 'm vooral in om de achterliggende vraag bij mensen te achterhalen, een latente behoefte als het ware. En vervolgens probeer ik een paar stappen vooruit te denken.

In mijn werk als opleidingsmanager bezoek ik veel bedrijven, instellingen en evenementen. Het is mooi om mensen te adviseren en begeleiden als ze nieuwe wegen willen inslaan. Opleiden doe je met een bepaald doel voor ogen en dat wil ik graag net wat overtreffen. Soms moet je een sprong maken om echt vooruit te kunnen komen.

Een technische omgeving is vaak erg dynamisch. Voor je het weet ben je iedere dag ad-hoc bezig. Dat probeer ik bedrijven mee te geven als het om opleiden van medewerkers gaat.

 

Wat is je visie op de markt?

De kunststofindustrie komt nu uit de crisis. De ontwikkelingen bij bedrijven hebben op een laag niveau gestaan en er is gewerkt in een crisisbezetting. Ik weet zeker dat er de komende tijd een inhaalslag zal plaatsvinden. Zo worden bij veel bedrijven worden momenteel forse investeringen gedaan in machines en apparatuur. En dan niet in de basic versies, maar complete productielijnen en cellen!

Daarna zal er geïnvesteerd worden in nieuwe medewerkers en het verbeteren, verhogen en actualiseren van de kennis van bestaande medewerkers. Bijvoorbeeld een spuitgietoperator die een cursus Lean Six Sigma gaat doen of een Industrieel Product Ontwerper die een matrijzencursus volgt om inzicht te krijgen in maakbaarheid en keuze van zijn/haar ontwerpen.

Wat me wel opvalt, is dat bedrijven als ze een vacature hebben een schaap met vijf poten zoeken. Hoe reëel is het om te verwachten dat een medewerker over alle disciplines en ervaring beschikt? En waarom zouden die talenten dan uitgerekend bij jouw bedrijf willen werken? Bedrijven kunnen krapte opvangen door zij-instromers enkele kortlopende cursussen te laten volgen. Daarnaast adviseer ik bedrijven te werken met stageplaatsen, erkend opleidingsbedrijf te worden, open dagen te organiseren en te laten zien dat techniek clean, cool en fun is. Een plek waar je in een team prestaties kan leveren en succesvol kan zijn.

  

Welke trends en ontwikkelingen signaleer je?

Ik zie een ontwikkeling met gebruik van tablets binnen een productie omgeving, sensorisatie en het gebruik van vison camera’s waarbij “in-line” gemeten kan worden tijdens een lopend proces. De verzamelde gegevens worden dan als bruikbare informatie gevisualiseerd in graphics. De productvariaties nemen toe terwijl de seriegrootte terugloopt. In het productieproces houdt dit in dat je een nieuw proces snel opgestart moet krijgen anders is er teveel machine stilstand. First time right zou binnen een bedrijf de norm moeten zijn. Learning-by-doing is gewoon geld weggooien. Het belang van de productdocumentatie neemt toe met het genereren en combineren van data. Door te meten tijdens het proces, kun je de machine automatisch bijsturen.

Gelukkig worden machines steeds energiezuiniger en komt het besef dat kunststoffen helemaal niet zo vervuilend zijn als gedacht. Wat ik ook hoor en zie is dat uitbesteden in het Verre Oosten niet langer de standaard keuze is. Of een machine met automatisering nu in West-Europa of in China staat te produceren dat maakt kosten-technisch weinig uit. Ik zie een trend in local-for-local produceren, dus dingen maken vlakbij de markt waar het product gebruikt wordt. Kwaliteit en begeleiding van een maakproces in het Verre Oosten zie ik als aan een wedstrijd beginnen met 1-0 achterstand. Waarom zou je daar aan willen beginnen als er kans is op hoge faalkosten?

 

Hoe probeer je op de ontwikkelingen aan te sluiten?

Door onze cursisten te laten werken met moderne apparatuur en aan te sluiten op de wensen van organisaties. We hebben in Eindhoven bij voorbeeld geïnvesteerd in twee moderne spuitgietmachines en matrijzen met sensoren waarmee we in staat zijn om tijdens het produceren bepaalde parameters in de matrijs real-time te meten. Verder bleek er bij onze klanten grote behoefte aan een cursus op het gebied van matrijsonderhoud, dus hebben we dit in het cursusaanbod opgenomen.

We zijn ook gestart met een digitaal leerplatform wat meer flexibiliteit en mogelijkheden biedt. En ten slotte bieden we voor twee cursussen inmiddels persoonscertificatie aan, wat je zou kunnen zien als een soort rijbewijs voor vakmensen.

 

Waar ben je het meest trots op?

Het is altijd weer mooi om een lesplanning rond te krijgen. Voor bepaalde specialistische cursussen heb je niet automatische voldoende deelnemers, zeker niet in een crisistijd zoals afgelopen jaren. Onlangs ging een cursus op het allerlaatste moment door omdat we een nieuwe deelnemer gevonden hadden. Dan is het leuk om een enthousiaste HR-medewerker aan de lijn te krijgen die blij is dat ze haar collega kan informeren dat alles toch door gaat. Verder ben ik er trots op dat Mikrocentrum een no-nonsense organisatie is, onafhankelijk van subsidies, en investeringen doet voor de langere termijn.  Bovendien, als het nodig is kunnen we snel schakelen.