Elektronica verdient een breed publiek

Aandrijven en Besturen - januari / februari 2015,  2 december 2015
Cursus Electronica

In het technisch onderwijs groeit – terecht – de aandacht voor mechatronica en technische/ industriële automatisering. Dit gaat echter wel ten koste van de onderliggende disciplines, zoals werktuigbouwkunde en elektronica.

 

Piet Slenders en Wouter van Dijk, beiden werkzaam als service engineer, betreuren deze ontwikkeling. “Het belang van het vak elektronica wordt onderschat. In steeds meer producten zit elektronica en binnen bedrijven komen steeds meer mensen daarmee in aanraking.”

 

‘Black box’

“Veel niet-elektronici krijgen met elektronica te maken. Dit zijn mensen die in de techniek bezig zijn, bijvoorbeeld in de technische of industriële automatisering, en die het fijne niet weten van elektronica. Neem een PLC of frequentieregelaar; die is voor hen een ‘black box’. Ze weten niet wat die producten precies kunnen en wat er fout mee kan gaan. En mensen die puur mechanisch zijn geschoold, worden steeds meer geconfronteerd met mechatronica. Als er dan een storing is, weten ze niet wat ze kunnen doen en moet er meteen een specialist bij komen. Met enige basiskennis van de elektronica kunnen ze zelf al heel wat oplossen.”

 

Basiskennis en diepgang

Slenders en Van Dijk hebben daarom de cursus ‘Elektronica voor niet-elektronici’ ontwikkeld, inclusief cursusmateriaal, demonstraties, opdrachten en practicum. Dit voorjaar gaat de cursus bij Mikrocentrum in première. Slenders: “Even hebben we nog getwijfeld of de basiskennis bekend verondersteld mocht worden. Maar we hebben er toch voor gekozen om vanaf ‘nul’ te beginnen, om zo de stap te verkleinen voor mensen die de basiskennis niet hebben of bij wie het verwaterd is. De cursus is wel zo opgebouwd dat we desgewenst meteen op een hoger niveau kunnen beginnen. Stel dat we bedrijfsintern een cursus verzorgen waarbij alle deelnemers al een bepaalde voorkennis hebben.”

De diepgang in de cursus is op de doelgroep afgestemd. De ambitie van de twee docenten is om de deelnemers begrip bij te brengen van elektronica.

“Heel veel elektronicaproducten berusten op dezelfde principes en bevatten dezelfde bouwblokken, dus je hoeft niet zoveel kennis te verzamelen als iedereen denkt. Mensen moeten die black box kunnen opdelen in verschillende blokken en het functioneren daarvan begrijpen, bijvoorbeeld om te kunnen nagaan waarom iets niet goed werkt. Je ziet soms dat men bij problemen alleen maar printkaarten blijft vervangen, terwijl het werkelijke probleem wel eens ergens anders kan liggen.”

 

 

Blended learning

De start vanaf scratch stelde de twee docenten in staat hun cursus volgens de nieuwste inzichten in te richten en aantrekkelijk vorm te geven. “Afwisseling tussen theorie, demonstraties en oefeningen is heel belangrijk. Wij wilden af van het model waarin de docent vertelt en de student alleen maar luistert. De cursisten gaan al heel snel zelf met elektronica aan de slag. Wij gebruiken een gemixte leerstijl.” ‘Blended learning’ heet dat tegenwoordig.

“Wij zorgen dat de cursist interactief vooruit kan via de digitale onderwijsomgeving van Mikrocentrum. Het leren houdt niet op buiten de contacturen. We willen de cursisten niet met een grote last aan zelfstudie opzadelen, maar bieden hen wel opdrachtjes, extra leermateriaal en verdieping aan.”

De beide docenten hebben ter promotie ook een video opgenomen:

 

Uiteindelijk zien Piet Slenders en Wouter van Dijk hun inspanningen ook als een vorm van promotie voor het elektronica vak. “In steeds meer producten zit elektronica en binnen bedrijven komen steeds meer mensen daarmee in aanraking. Bedrijven als ASML en Prodrive, maar ook talloze andere, hebben veel elektronici nodig en veel mensen met kennis van elektronica. Het is absoluut een superbelangrijk vak, wat je niet moet onderschatten.”