Weet wat je leest en meet!

Jan Smits - Docent bij Mikrocentrum, 18 mei 2015
shutterstock 103157537

“Was die tekening nou in de Europese of in de Amerikaanse projectie?” Wanneer deze vraag op de werkvloer wordt gesteld nadat een onderdeel al is gemaakt, kan het zomaar te laat zijn. Dan is de tekening verkeerd gelezen en had rechts links moeten zijn en omgekeerd – het onderdeel kun je dan meteen weggooien. Over de projectie mag dus geen onduidelijkheid bestaan. Maar daarmee ben je er natuurlijk nog niet...

 

Meetonzekerheid

“De afwijking valt nog precies binnen de tolerantie.” Deze mededeling lijkt goedkeur te betekenen, toch kan later blijken dat het betreffende onderdeel niet past. Want als de medewerker die het onderdeel moet opmeten de meetonzekerheid heeft vergeten, kan de werkelijke afwijking wel degelijk groter zijn dan toegestaan. Als je geluk hebt, kun je met een nabewerking het onderdeel nog ‘redden’.

 

shutterstock 54906766

Vergeet niet de meetonzekerheid!

 
Projectie

Zomaar een paar voorbeelden van wat er mis kan gaan bij het tekeninglezen of meten. Heeft de constructeur de projectie wel goed aangegeven? Weten de werkvoorbereider en de operator ook wat daar precies mee wordt bedoeld? Zijn er heldere afspraken tussen tekenkamer en werkvoorbereiding over de projectie of handelt iedereen naar eigen inzicht? Staan de toleranties duidelijk vermeld? Is men zich bewust van de meetonzekerheden die aan de verschillende meetmiddelen kleven?

 

Vorm- en plaatstoleranties

Vroeger waren dergelijke vragen misschien eenvoudig te beantwoorden. Iedereen had een gedegen opleiding genoten op de LTS of MTS, of bedrijfsintern, en werkte op dezelfde manier. Nu komen medewerkers op allerlei manieren (zij-)instromen en doorstromen en is het maar gissen welke voorkennis ze hebben. Het reguliere technisch onderwijs besteedt tegenwoordig aan dit soort onderwerpen, zoals vorm- en plaatstoleranties, maar heel beperkt aandacht. Men wordt geacht het vak vooral in de praktijk te leren. Maar gelegenheid voor interne kennisoverdracht is er vaak nauwelijks, want alles staat onder tijds- en kostendruk.

 

Tekening

Verkeerde projectie gebruikt, meetonzekerheid vergeten, het komt in de beste bedrijven voor. Geen schande, maar het is wel zaak het probleem te herkennen en erkennen. Uiteindelijk gaat het om communicatie – de tekening is de belangrijkste informatiedrager, het centrale communicatiemiddel in de hele keten van constructeur tot klant – en communiceren kun je leren. Het begint ermee dat je weet wat je leest op een, soms behoorlijke complexe, tekening en dat je weet wat je meet.

 

 vpl

 De tekening is de belangrijkste informatiedrager.

 

Communicatie

Als docent voor Mikrocentrum help ik graag om die communicatie, het lezen van tekeningen en het interpreteren van meetresultaten en toleranties, naar een hoger niveau te brengen. Het is altijd leuk om tijdens een cursus te zien dat de deelnemers enthousiast worden en het belang van het onderwerp gaan waarderen. Het mooiste is als ze met elkaar in gesprek gaan. Een bedrijfsinterne cursus is natuurlijk uitermate geschikt om onderling dat gesprek aan te gaan, afspraken te maken en werkwijzen op elkaar af te stemmen. Daarom kan bijvoorbeeld een cursus Tekening Lezen ook nuttig zijn voor de tekenaar. Want daar krijgt men helder hoe collega’s naar een tekening kijken. Je leert er hoe projectie, tolerantie, enzovoort het beste kunnen worden aangegeven om zeker te zijn dat het door je collega's wordt geïnterpreteerd zoals bedoeld. Anderzijds heeft een cursus op open inschrijving, dus met deelnemers uit verschillende bedrijven, ook zo z’n voordelen. Je kunt er leren van de ervaringen van anderen en werkwijzen vergelijken.

 

Meten op de machine

Bedrijfsintern of open inschrijving, leren doe je op cursus ook over nieuwe ontwikkelingen. Want de techniek staat niet stil. Denk aan het werken met modellen bij het tekenen, of het meten aan de bron, op de bewerkingsmachine. Vroeger kon je pas achteraf zeggen of een werkstuk goed of fout was, nu kun je met slim meten tijdens het bewerken meteen aansturen op ‘goed’. Weten wat er allemaal te tekenen, te lezen en te meten valt, daar begint het mee.